Naar de inhoud
Flagpole Guides

Soorten vlaggen en hun gebruik in Nederland

Gepubliceerd Geschreven door

Naast de rood-wit-blauwe driekleur hangen in Nederland veel andere vlaggen: de oranje wimpel op koninklijke feestdagen, provincie- en gemeentevlaggen, logovlaggen bij bedrijven en banieren langs de weg. Sommige zijn door de overheid vastgesteld, andere zijn vrij. Deze gids beschrijft de belangrijkste soorten en wie erover gaat.

De Nederlandse vlag

De driekleur heeft drie horizontale banen in rood, wit en blauw. Bij Koninklijk Besluit van 1937 zijn de kleuren vastgesteld; het Koninklijk Huis omschrijft ze als helder vermiljoen, helder wit en kobaltblauw. Over de afmetingen zijn volgens de Handleiding voor het gebruik van de Nederlandse vlag geen voorschriften, maar in het algemeen verhoudt de lengte zich tot de breedte als 3:2. Op de vlag hoort geen versiering of toevoeging. Meer over de kleuren staat in de gids over de symboliek van de driekleur.

De oranje wimpel

Het stadhuis van Naarden met de Nederlandse vlag en een oranje wimpel aan een mast
Het stadhuis van Naarden. Foto: Drenthe007, Stadhuis, Naarden DSCF9966 / Wikimedia Commons, CC BY-SA 3.0, bijgesneden

De oranje wimpel is een lange, smalle oranje baan die boven de Nederlandse vlag hangt. Volgens de vlaginstructie en het Koninklijk Huis gaat de vlag met wimpel uit op Koningsdag en de verjaardagen van koningin Máxima, prinses Beatrix en de Prinses van Oranje, en bij alle andere gelegenheden zonder. Het gebruik stamt volgens het Koninklijk Huis uit de periode na 1813, toen Nederland weer onafhankelijk werd en de Oranjes terugkwamen. De wimpel hangt nooit halfstok. Meer staat in de gids over vlagregels.

De Koninklijke standaard en onderscheidingsvlaggen

De Koninklijke standaard is de vlag van de Koning. Volgens het Koninklijk Huis wordt ze gehesen op het werkpaleis en het woonpaleis als de Koning in Nederland is. De vlag heeft een Nassaublauw kruis dat de vlag in vier vakken verdeelt, met blauwe jachthoorns uit het wapen van het Prinsdom Orange, en in het midden het Rijkswapen met de Koninklijke Kroon. Koningin Wilhelmina stelde de standaard in 1908 in.

De andere leden van het Koninklijk Huis hebben eigen onderscheidingsvlaggen. Die worden, net als hun wapens, bij Koninklijk Besluit vastgesteld.

Provincie-, gemeente- en waterschapsvlaggen

Elke provincie en de meeste gemeenten hebben een eigen vlag. Volgens de Hoge Raad van Adel worden vlaggen van publiekrechtelijke lichamen vastgesteld door het bestuur zelf. De minister van Binnenlandse Zaken vroeg provincies (in 1948), gemeenten (in 1957) en waterschappen (in 1961) daarbij het advies van de Raad in te winnen. De Raad houdt een vlaggenregister bij met de beschrijving, een ingekleurde tekening en het bestuursbesluit.

Een bekend voorbeeld is de Friese vlag: volgens de provincie Fryslân vier blauwe en drie witte schuine banen met zeven rode pompeblêden, de bladeren van de plomp of waterlelie, die staan voor de zeven zeelanden. Gedeputeerde Staten erkenden de vlag in 1897, in 1927 hing ze voor het eerst officieel op het Provinsjehûs en in 1957 stelden Provinciale Staten haar vast. Hoe provincie- en gemeentevlaggen naast de driekleur hangen, staat in de gids over het vlagprotocol.

Logovlaggen, banieren en hoogformaatvlaggen

Bedrijven, verenigingen en particulieren gebruiken ook vlaggen met een logo of eigen ontwerp. Daarvoor bestaan geen regels. Een Nederlandse vlaggenleverancier onderscheidt:

  • Liggende vlag: de gewone rechthoekige vlag in de verhouding 2:3, die aan de mast wappert.
  • Hoogformaatvlag: een staande vlag die alleen aan de verticale zijde aan de mast vastzit en volgens de leverancier doorgaans tot halverwege de mast reikt.
  • Baniervlag: een staande vlag aan een mast met een horizontale stok bovenaan, zodat de vlag ook bij weinig wind zichtbaar blijft.

Gevelvlaggen en feestvlaggen

Een grote Nederlandse vlag aan een stok aan de bakstenen kerktoren van Ammerzoden
De kerk in Ammerzoden. Foto: Ninane / Wikimedia Commons, publiek domein

Aan de gevel hangt de vlag aan een vlaggenstok in een houder. Voor de stok vraagt de Handleiding een lengte waarbij de vlag nooit de grond raakt of het verkeer hindert. Daarnaast zijn er feestvlaggen, zoals verjaardagsvlaggen en de geslaagdvlag. Die staan los van de driekleur, waarop geen tekst of versiering hoort. Meer over gelegenheden staat in de gids over vlaggen op feestdagen, en over maten in de gids over vlagafmetingen.

Veelgestelde vragen

Wat is de oranje wimpel?

Een lange oranje wimpel die boven de Nederlandse vlag hangt op Koningsdag en de verjaardagen van koningin Máxima, prinses Beatrix en de Prinses van Oranje. Volgens het Koninklijk Huis stamt het gebruik uit de periode na 1813, toen de Oranjes terugkwamen.

Wie stelt een gemeentevlag of provincievlag vast?

Het bestuur van de provincie, gemeente of het waterschap zelf. Volgens de Hoge Raad van Adel heeft de minister van Binnenlandse Zaken die besturen gevraagd daarbij het advies van de Raad in te winnen. De Raad houdt een vlaggenregister bij.

Mag iedereen de Koninklijke standaard hijsen?

De Koninklijke standaard is volgens het Koninklijk Huis de vlag van de Koning en wordt gehesen op het werkpaleis en het woonpaleis als de Koning in Nederland is. Andere leden van het Koninklijk Huis hebben eigen onderscheidingsvlaggen, die bij Koninklijk Besluit zijn vastgesteld.

Bronnen

Deze gids is gebaseerd op de volgende bronnen: